voertuigenbelasting

“Hij werd veroordeeld voor iets wat hij niet deed.
Hij betaalde zijn belastingen niet”

“Men kondigt nooit verhogingen van belastingen aan, wel aanpassingen”
Marnix Gijsen

belastingen

naar een evenwichtige, rechtvaardige heffing & gezonde wereld

 

korte versie

WHD wil 3 belastingen op gemotoriseerde voertuigen, die betrekking hebben op

1) productie- samenlevings- en verwijderingskosten (aanschafbelasting);
2) gebruik;
3) vastrecht (incl. sturingselement)

​WHD wil alle voertuig-gerelateerde belastingen afschaffen (dus ook parkeergelden) en vervangen door 3 soorten: aanschaf (BPM), gebruik (accijnsheffing) en vastrecht (wegenbelasting)

middelgrote versie
(under construction)

uitgebreide versie

huidige systeem
Het huidige heffingssysteem is onoverzichtelijk (geworden), onrechtvaardig (deel van de kosten worden afgewend op de samenleving) en te weinig stimulerend/sturend (vervuilende meer belasten en duurzame voertuigen stimuleren). Zo worden hybride voertuigen onder een milieu-argument enorm fiscaal bevoordeeld terwijl de bovenmodale Mitsubishi Outlanders en de plug-in Porsche Cayennes, met dank aan de belastingbetaler, voor een habbekrats rondrijden, terwijl deze ‘stekker-auto’s’ in de praktijk meestal gewoon op fossiele brandstof rijden. Daarnaast is het huidige systeem een melkkoe voor de overheid geworden, terwijl WHD vindt dat bijdragen aan algemene middelen in eerste aanleg door een ieder gedragen moet worden, dus niet alleen autobezitters.

– BPM (aanschafbelasting)
De dealer zet de BPM op de factuur aan de klant en sluist het bedrag door aan de importeur, die de belasting aan de belastingdienst voldoet.
De BPM levert de staatskas 1,5 miljard euro per jaar op (2016). Bij de invoering werd het normale tarief op 12% vastgesteld. Per 1-1-2009: 40% van de netto catalogusprijs.
Vanaf 2016 geldt alleen nog een vrijstelling voor auto’s met zogenoemde nulemissie (elektrische auto’s en waterstofauto’s).

– belasting op brandstof
Nederland staat wereldwijd op de 4de plaats t.a.v. de hoogste brandstofprijs, de VS op de 111de plaats (Venezuela 12 cent per liter). Van de totale prijs is 63,7% (benzine) belasting (50,9% diesel). Dit is inclusief BTW. De belastingdruk is van 2004 gestegen van € 0,849 per liter naar € 0,924 per liter.

– wegenbelasting
De motorrijtuigenbelasting (MRB) wordt geheven over het bezit van een auto of motorfiets en niet over het gebruik. Of iemand veel rijdt of weinig, het bedrag is gelijk. Boven op de motorrijtuigenbelasting betalen houders van personenauto’s en motoren ‘provinciale opcenten’. Hoe hoog dat bedrag is, is afhankelijk van de provincie waarin men woont. Deze belasting was oorspronkelijk ingevoerd om aanleg en onderhoud van wegen te bekostigen, redenerend vanuit het profijtbeginsel: diegene die van de wegen gebruikmaakt betaalt daar dan ook voor. De motorrijtuigenbelasting is nu geen ‘doelbelasting’ meer; de inkomsten overstijgen de kosten ver.
Van 2017 t/m 2020 betalen volledig elektrische auto’s geen MRB, de plugin-hybrides (PHEV) betalen halftarief, de gewone hybride auto’s en diesels voltarief. Vanaf 2019 betalen vervuilende diesels nog eens 15% bovenop het voltarief.

belastingen: alleen doelheffing?
Velen verdedigen de in aanvang logische gedachte dat belastingen alleen mogen dienen t.b.v. het object/middel. Deze principiële keuze is echter niet wenselijk of haalbaar, omdat dan vele noodzakelijke voorzieningen, waar de samenleving en dus de burger profijt van heeft, niet meer realiseerbaar zijn. Zo zal het openbaar vervoer verdwijnen, omdat ca. 80% van de totale kosten door belastinggelden worden gedekt, en het OV zonder deze subsidie onbetaalbaar wordt. Anders dan in Nederland, speelt in België bijvoorbeeld het sociale aspect de belangrijkste factor. Ook bejaardenzorg en defensie bijvoorbeeld zouden verdwijnen, omdat er geen bejaarden- of defensiebelasting bestaat en deze ook niet betaalbaar en/of realiseerbaar zou zijn.

WHD is daarom van mening dat belastingen rechtvaardig en redelijk moeten zijn en een algemeen maatschappelijk doel moeten dienen.
​De samenleving mag belasting heffen omdat de samenleving wordt belast (milieu en infrastructurele voorzieningen). Dat neemt niet weg dat in eerste aanleg van doelheffing uitgegaan moet worden. Pas als dit niet of ontoereikend mogelijk is, mag belasting naar de algemene middelen.

bezwaar WHD tegen huidige systeem
Alhoewel WHD de drie-heffingsgrondslagen van het heffingensysteem wil handhaven, moet er volgens WHD wel wat veranderen. Deze verandering behelst in hoofdzaak de kosten die samenhangen met het product en het gebruik ervan, maar op de samenleving worden afgewenteld.
Hiermee worden hoofdzakelijk de milieu-effecten bedoeld, zoals fijnstof en uitstoot, maar vooral ook recycling- en/of vernietigingskosten. De kostprijs dient niet alleen arbeid en grondstoffen te bevatten, maar alle kosten die het product in zijn/haar levenscyclus veroorzaakt. Omdat deze toevoeging wellicht een verhoging van de aanschafprijs tot gevolg zal hebben, dienen deze kosten in EU regelgeving opgenomen te worden.

Een ander bezwaar tegen het huidige systeem is dat er ‘wildgroei’ en willekeur dreigt. Naast de genoemde belastingen wil de overheid nog meer belastingen invoeren, zoals tolheffingen, spitstoeslag, km-heffing, enz.. WHD wil dat niet, omdat dit een rommelige wet- en regelgeving oplevert, willekeur, ontduiking, bureaucratie en nog meer schendig van privacy (overal camera’s). Daarnaast ervaart de burger al deze extra heffingen als onrecht.

Plug-in hybride-voertuigen worden fiscaal bevoordeeld terwijl bovenmodale energieverslindende auto’s gewoon (ook) benzine gebruiken; uit een onderzoek blijkt dat ze hun stekker (elektrisch) helemaal niet of nauwelijks gebruiken.

WHD voorstel
WHD wil nog maar 3 belastingen op gemotoriseerde voertuigen, die betrekking hebben op
1) productie- samenlevings- en verwijderingskosten (aanschafbelasting);
2) gebruik;
3) vastrecht (incl. sturingselement)

De eerste belasting moet worden geheven bij de aankoper en gebruiker. In de aanschaf van het product dienen alle kosten te worden opgenomen, dus naast arbeid en grondstoffen, ook de (verwerkings-)kosten die het product veroorzaakt op het milieu en het opruimen of recyclen van het product aan het einde van de levenscyclus. Deze belasting is productafhankelijk en kan hoofdzakelijk worden geheven bij aanschaf. Door de belasting product-afhankelijk te maken worden fabricanten gemotiveerd om milieuvriendelijke materialen te gebruiken. De huidige BPM lijkt hier op. WHD wil de component “samenlevingskosten” (kosten milieu en vernietiging/recycling) opgenomen hebben.

De tweede belasting is het gebruik volgens het principe dat de gebruiker betaalt. Dit kan het beste via de accijns op benodigde energie (brandstof). Deze belasting wordt gebruikt voor de aanleg en het onderhoud van voorzieningen die uitsluitend met of voor het vervoermiddel van doen hebben.
Deze belasting zal op termijn verdwijnen, omdat auto’s die rijden op duurzame/schone energie, zoals waterstof of zonne-energie, geen brandstof meer behoeven. In dat geval zou een vorm van km-heffing onvermijdelijk zijn.

De derde belasting is het ‘vastrecht’ (thans vergelijkbaar met wegenbelasting). Deze belasting is van toepassing voor iedereen die gebruik maakt van de (infrastructurele) voorziening, dus van fiets tot (vracht-)auto en wordt gebruikt voor aanleg en onderhoud. Bij een niet-gekentekend verkeersmiddel (bijv. fiets) zou dit -om administratieve redenen- éénmalig verdisconteerd kunnen worden in de aanschafprijs. Andere infrastructurele voorzieningen waarvan ‘verkeer’ geen gebruik maakt, zoals trottoirs ed. worden betaald uit algemene middelen, omdat iedereen hiervan gebruik maakt. Alle andere vormen van belasting (tolwegen, spitsvignet en parkeergelden ed). worden afgeschaft. Deze belasting heeft ook een sturingselement, zo kunnen milieuvriendelijke vervoersmiddelen minder worden belast (of zelfs vrijgesteld) en milieubelastende zwaarder.

uniforme EU aanschafbelasting
Voorkomen moet worden dat de aanschaf van een product in Nederland (te) ver afwijkt van omliggende landen. Daarom moet Nederland zich binnen de EU inzetten voor een eenduidiger heffingssysteem binnen de EU, zodat het niets meer uitmaakt waar het product wordt gekocht. Tevens wordt daarmee een uniforme milieu-aanpak bewerkstelligd.

afschaffen parkeergelden
In het WHD voorstel is afschaffing van alle andere belastingen opgenomen, dus ook parkeergelden. Dit is consistent beleid want het vastrecht/ de wegenbelasting is al een belasting voor het gebruik van de openbare wegen-infrastructuur. Anders ligt dat bij parkeergarages; dit zijn voorzieningen met een extra dienstverlening, zoals meer parkeerruimte scheppen, bewaking, droge stalling en (meestal) centrale ligging. Het afschaffen van parkeergelden (voor openbare grond) zal mogelijk tot positief bijkomstig gevolg hebben dat steden meer auto’s gaan weren in de centra dan wel bestaande parkeerplaatsen ‘vrijgeven’ aan fietsers, wandelgebieden of anderszins, maar niet meer aan blik. Zij leveren immers niets meer op.
Omdat steden wel willen -en door ondernemers terecht zal worden geëist- dat mensen hun centra bezoeken zal er automatisch meer in parkeergarages geïnvesteerd worden, die weer wel parkeergeld opleveren. Dat beleid heeft een aantal positieve effecten.
Parkeergarages worden in toenemende mate ondergronds gebouwd. Dat is mooi, want dan zijn de auto’s uit het zicht. Parkeergarages kunnen bovendien effectief uitstoot opvangen, hetgeen nu in de open lucht verdwijnt. Ook de criminaliteit zal verdwijnen, omdat de garages bewaakt zijn dan wel het systeem diefstal aanzienlijk bemoeilijkt. Tenslotte zal de burger zich niet langer als melkkoe voelen, hetgeen een positieve bijdrage levert aan het beeld van de samenleving.

Gemeenten dekken hun begrotingen met de opbrengst van parkeergelden, die zij deels zullen missen in het WHD voorstel. Dit kan als volgt opgelost worden: in de eerste plaats kan de gemeente parkeergarages bouwen. Daarnaast kent de wegenbelasting zgn. ‘provinciale opcenten’, bedoeld voor aanleg en onderhoud van provinciale wegen. Gebleken is dat die belasting veel te hoog is, aangezien provincies enorme potten met geld hebben gekweekt en daardoor vaak volstrekt overbodige projecten financieren. De provincie kan een deel van deze structurele overschotten aan hun gemeenten ter beschikking stellen, indien die gemeenten geen eigen middelen of mogelijkheden heeft voor het bouwen van (ondergrondse) parkeergarages.
Voor bewoners kunnen parkeer-uitzonderingen gelden.

politiek sturingsmechanisme
De 3de vorm (vastrecht/wegenbelasting) biedt alle mogelijkheden voor sturingspolitiek. Zo kunnen sterk vervuilende motoren zwaarder belast worden of volledig uitstootvrije voertuigen minder belast of geheel worden vrijgesteld. Deze belasting moet opgebouwd worden met een puntensysteem, waarbij gewenste factoren (gewicht, levensduur, materiaal, recyclebaarheid enz.) punten opleveren waaraan het tarief gekoppeld is. Dit systeem is transparant, rechtvaardig en milieuvriendelijk.

overheid goede voorbeeld
Tenzij dit onoverkomelijke bezwaren oplevert, zoals bij de politie of brandweer, moeten alle voertuigen van de overheid overschakelen op duurzame vervoersmiddelen.

WHD wil alle belastingen afschaffen (dus ook parkeergelden) en vervangen door 3 soorten: aanschaf (BPM), gebruik (accijnsheffing) en vastrecht (wegenbelasting).

STANDPUNTEN / VERSCHILLEN PER PARTIJ (belastingen op gemotoriseerde voertuigen)

WHD – alle belastingen op gemotoriseerd vervoer afschaffen en vervangen voor 3;
​- aanschafbelasting, gebruikersbelasting en vastrecht(wegen-)belasting;
– gedifferentieerde heffingen (schoon, duurzaam, vervuilend, zero-emissie enz.)
– alle kosten opnemen in aanschaf (dus ook opruimings- en recyclingkosten) + samenlevingskosten;
– aanschafbelasting Europees regelen, gelijk speelveld;
​- alle overheidsvoertuigen duurzaam;

SP – motorrijtuigenbelasting en wegenbelasting – afschaffen.
– alleen gebruik belasten;

PvdA – wegenbelasting en de aanschafbelasting verminderen, waardoor autorijden goedkoper wordt;
– volledig elektrische auto’s stimuleren;
– oude vervuilende diesels meer wegenbelasting laten betalen;

GroenLinks
– kilometerheffing invoeren;
– bezit en gebruik van auto’s eerlijk te belasten via een gedifferentieerde heffing;
– autorijden in de stad en in de spits duurder maken (spitstoeslag 15 cent per km);
– aanschafbelasting behouden;
– aanzienlijke verhoging parkeergelden;

D66 – batterijgarantie op een tweedehands elektrische auto;

VVD – tegen kilometerheffing

CDA – geen standpunt

PVV – halveren motorrijtuigenbelasting

PvdD – voor kilometerheffing;
– voor vrachtverkeer een kilometerheffing van 15 cent.

Geef een antwoord