naar een gezonder landbouw en veeteelt

Eén van de grootste obstakels voor natuurvriendelijke bedrijven is het vinden van betaalbare landbouwgrond. Voor veel boeren zijn de huidige prijzen te hoog; de opbrengsten staan niet in verhouding tot de waarde van de grond. Om de boeren tegemoet te komen, moeten we een alternatief bieden.

 

De essentie van de agrarische revolutie is het vermogen om voedsel en dieren niet langer te beschouwen als een commercieel doel, maar als middel voor voldoening in het werk en liefde voor het product 

dure landbouwgrond
landbouw . ons voedsel

Visie voor een gezonde landbouw en veeteelt

Om in de toekomst nog steeds eten te kunnen verbouwen, moeten we beter voor onze bodem zorgen. Niet de bodem uitputten met intensieve landbouw, maar natuurvriendelijk boeren. Er is wel een obstakel: de grondprijs is zo hoog dat boeren vaak wel intensief moeten gaan telen om zo op een korte termijn meer winst te maken. De nieuwe visie op landbouw pakt dit probleem aan.

Willen we in balans leven met de natuur, dan zullen we op een andere, verantwoordelijke manier moeten omgaan met onze bodem. Daarom vragen wij aandacht voor een gezonde en vitale bodem als basis van ons bestaan, ons voedselsysteem, onze gezondheid en ons welzijn.
We leven in het laatste decennium waarin we met elkaar het tij kunnen keren ten gunste van het klimaat, de natuur, de biodiversiteit en een gezonde bodem. Als wij ons allemaal gedragen als bondgenoten van de bodem, wordt de bodem ook onze bondgenoot.

Nederland met zoveel mogelijk natuurvriendelijke landbouwgrond en innovatieve boeren. Dat is noodzakelijk, immers voedzaam en lekker eten begint met een gezonde bodem. Helaas staan onze landbouwbodems onder druk. Intensieve bewerking, kunstmest en gewasbeschermingsmiddelen eisten hun tol. Het aantal insecten en boerenlandvogels nam de laatste decennia zienderogen af.
Het aandeel biologische landbouwgrond in Nederland is nog geen 4% van het totaal.

Natuurvriendelijke landbouw bewijst dat dit anders kan. Duurzaam producerende boeren en nieuwe initiatieven, lopen in deze gedachte voorop. Samen met bewuste consumenten uit hun directe omgeving werken aan een systeem dat glashelder laat zien waar het voedsel vandaan komt en hoe het is geproduceerd.

Aardpeer *) is een voorbeeld van een succesvol initiatief dat middels praktische plannen en aanstekelijke verhalen wil uitgroeien tot een breed gedragen beweging van gelijkgestemden waarbij iedereen zich kan aansluiten en thuis voelen.

Met aankopende stichtingen zonder winstoogmerk veranderen we de manier waarop we met de bodem omgaan, en daarmee met ons voedsel en met elkaar. Zo willen we onder andere financiële instrumenten ontwikkelen, die geld opleveren waarmee grond kan worden gekocht.

1. Grond als middel voor verandering

Grond in Nederland is schaars en dikwijls object van handel en speculatie. Dit zorgt ervoor dat boeren gedwongen worden om zoveel mogelijk opbrengst uit de grond te halen met behulp van chemische middelen. En dat gaat weer ten koste van de bodemvruchtbaarheid en de biodiversiteit. Sociaal & Groen wil dat in de landbouw en veeteelt ‘rendement’ en financieel gewin zoveel mogelijk wordt vervangen door kwaliteit op voedsel, biologisch grondbeheer en dierenwelzijn en wil deze ontmoedigende spiraal doorbreken door zoveel mogelijk organisaties te steunen die landbouwgrond verwerven en het ‘vrij’ maken, zodat het niet langer een handelsobject is. Aardpeer is hiervan een goed voorbeeld.

2. Betere pachtvoorwaarden

Landbouwgronden kunnen door stichtingen zonder winstoogmerk worden aangekocht en worden verpacht tegen een eerlijke pachtprijs. Dit geeft boeren met idealen de ruimte om goed te zorgen voor de bodem en de biodiversiteit. Bovendien gaat het hier om langdurige verpachting; dat is duurzamer dan grond die voor een paar jaar of zelfs maar voor één jaar wordt verpacht. Het biedt de pachter zekerheid op de lange termijn, zodat hij of zij kan investeren in een betere bedrijfsvoering.

3. Afspraken voor zorgvuldig beheer

Iedere ondernemer is uniek en elke omgeving is anders. Daarom zal elk bedrijf zich anders ontwikkelen. Waar de ene boer zich vooral wil inzetten voor weidevogels, daar wordt de andere het liefst volledig biologisch. Wat al die verschillende boeren en bedrijven echter met elkaar verbindt, is hun ambitie en de wil om het continu beter te doen. Elk bedrijf committeert zich aan het zorgvuldig beheren van de grond middels een plan, dat vervolgens wordt getoetst door de stichting. Daarbij zijn de volgende zaken van belang:

  • een duurzaam beheer van de bodem zonder chemische middelen;
  • het vergroten van de biodiversiteit;
  • gezonde menswaardige (werk)omstandigheden;
  • en goed geborgd dierenwelzijn;
  • het herstel van de balans tussen natuur en landbouw;
  • het zoeken van verbinding met de directe omgeving.

4. Een continu verbeterproces

De kennis over duurzaamheid verandert voortdurend. Het is de bedoeling dat we samen leren en vooruitkomen. Daarom vinden wij het belangrijk dat pachters zich committeren aan het continu verbeteren van hun bedrijf en dat ze dat actief laten zien.

5. Ons uiteindelijke doel

Sociaal & Groen heeft als doel om op de lange termijn de Nederlandse landbouwgrond te herstellen. En om ervoor te zorgen dat we dat bereiken willen we samen met landbouwers en veetelers uitgroeien tot een collectief van gelijkgestemden, gedreven door een gezamenlijk streven: het creëren van een natuurvriendelijk landbouw- en voedselsysteem. Zo verbinden we boeren en burgers en brengen we bodem en biodiversiteit in balans.

de nieuwe landbouwer: boeren met een missie

Sociaal & Groen is van mening dat in de landbouw en veeteelt van de toekomst een andere ondernemingsmentaliteit nodig is: boeren met een missie. Landbouwers die met zorg en aandacht onze grond weer in balans brengen. Veetelers die plezier in het houden van dieren hebben en het welzijn ervan boven commerciële belangen stellen. Daarbij gelden de volgende doelen:

  • herstellen de balans tussen natuur, dier en landbouw;
  • verbeteren de bodemkwaliteit;
  • vergroten de biodiversiteit;
  • sluiten de kringlopen;
  • inzetten voor dierenwelzijn;
  • creëren menswaardige werkomstandigheden;
  • proberen volledig zelfvoorzienend te zijn;
  • willen onafhankelijk zijn als ondernemer;
  • verbinden zich met hun omgeving.

Het allerbelangrijkste hierbij is natuurlijk hun passie en liefde voor de natuur. En de wil om het anders te doen, om te zoeken naar slimme oplossingen voor een gezond bedrijf dat natuurinclusief is: goed is voor mens, dier en milieu.

financieel systeem

Stichtingen kopen de gronden met behulp van de uitgifte van obligaties. Vervolgens worden landbouwgronden via langlopende pachtovereenkomsten tegen een eerlijke prijs aan boeren verpacht.

 

*) Aardpeer startte begin 2021 met een eerste uitgifte van ‘Samen voor Grond’ obligaties uitgegeven door Stichting BD Grondbeheer. Deze uitgifte was een groot succes. Er werd voor 7,2 miljoen euro obligaties gekocht. De eerste groep beleggers bestaat uit particulieren, maatschappelijke organisaties zoals Vogelbescherming Nederland en Landschapsbeheer Gelderland en institutionele beleggers.

2 gedachten aan “naar een gezonder landbouw en veeteelt”

  1. Met alle doelen eens. Maar ik zie hier teveel aandacht voor het aankopen van grond en te weinig voor de boeren die al land hebben, dolgraag willen omschakelen ( zag eens een onderzoek waar dit het grootste deel van de agrariers bleek te zijn) maar dit om financiële redenen niet kon. Vaak in de tang van bv Campina, veevoerleverancier of Rabo-bank.
    Grond aankopen is een helder doel, maar zoveel land is er geen eens te koop. Politiek is er natuurlijk als eerste verantwoordelijk voor dat regels veranderen. Maar zolang dat een minderheids-standpunt is , is het misschien slimmer om te pijlen te richten op een fonds bedoeld voor omschakeling van boeren die dat willen. Melkveebedrijven en akkerbouwbedrijven zijn daarbij primair. (Varkens- en kippenbouw bedrijven zullen nooit vrijwillig omschakelen.) Nul % BTW op bio en biodyn producten zou ook helpen de vraag naar gezonde dingen groter te maken. Online winkels zoals Hofweb zouden ook een (oprichtings)subsidie moeten krijgen om gezonde producten aan huis te leveren, ook aan mensen in de stad die niet rechtstreeks ‘bij de boer’ kunnen gaan inkopen. Voor landbouwproducten wordt de boer nauwelijks betaald, de groothandel verdient er goud geld aan, de z.g. inpakbedrijven idem, de inkopers van m.n. grote supermarkten ook. Consumenten betalen zo’n 400% meer per product dat wat de agrariër er voor krijgt. Zonder kennis van de hele keten is het maken van verstandig beleid niet mogelijk.

  2. Cecile, je roert een aantal zaken aan. Je schrijft dat in het voorstel (te) veel aandacht is voor de aankoop van grond en weinig voor ‘omschakelaars’. Dat klopt, omdat dit voorstel uitsluitend de financieringsproblematiek van de grondprijs en aankoop aanpakt. Ik ga ervan uit dat je met omschakelen de transitie van traditioneel naar biologisch bedoelt.
    De consumentenvraag naar biologische producten groeit al jaren. Het biologisch areaal groeit maar langzaam mee. Je hebt gelijk, ook omschakelaars in de biologische landbouw hebben problemen.

    Er komen boeren en telers bij en er vallen er af. We hebben voldoende omschakelaars of nieuwe boeren nodig om de stoppers te compenseren en om voldoende biologische producten te kunnen produceren in de groeiende markt.
    Anders dan de grondprijsproblematiek zijn er echter al wel voorzieningen voor omschakelaars. Het aantal biologische agrarische ondernemers in Nederland blijft de laatste jaren gelijk, blijkt uit cijfers van Skal Biocontrole. Ieder Nederlands bedrijf dat volgens de biologische manier wil telen of dieren houden, moet zich bij Skal Biocontrole registreren. Tijdens de omschakelperiode van twee of drie jaar werken ze wel biologisch, maar zijn ze nog niet gecertificeerd. Pas na het doorlopen van de hele omschakelingsperiode en bij een positieve beoordeling door de Skal-inspecteur (!) ontvangt het bedrijf het bio-certificaat.
    Bionext is er voor bestaande biologische bedrijven, maar ook voor startende ondernemers of gangbare bedrijven die willen omschakelen.
    Bionext is ook een ondersteunende organisatie en wordt gedragen door drie verenigingen: Biohuis voor de boeren & telers, BioNederland voor de handel & verwerking en de Biowinkelvereniging voor de biologische speciaalzaken.
    Er bestaan zelfs stimuleringsprogramma’s: in de provincie Groningen is een speciaal stimuleringsprogramma voor biologisch. Ook in Limburg en Noord-Holland worden vanuit de provincie activiteiten voor (startende) biologische ondernemers georganiseerd (omschakeladvies Biologische Melkveehouderij in Friesland (2020-2021).
    In provincie Friesland wordt advies aangeboden om antwoord te krijgen op de vraag wat de kansen zijn om het bedrijf om te schakelen naar een biologische bedrijfsvoering. Dat gebeurt individueel, via een keukentafelgesprek op het bedrijf. De huidige bedrijfsstructuur en het management is hierbij altijd het vertrekpunt. Kansen en mogelijkheden in de omgeving worden meegenomen en ook de marktperspectieven komen aan de orde. De melkveehouder krijgt concreet inzicht in, zowel de technische mogelijkheden, als de aandachtspunten van de omschakeling. Ook krijgt hij, in de vorm van een kort rapport, advies voor de te nemen vervolgstappen. Een vervolgstap kan een doorrekening zijn. Bedoeld om inzicht te krijgen in de economische perspectieven van de omschakeling.
    De kosten van een eerste advies zijn zeer beperkt. Aan bedrijven in Friesland wordt een eigen bijdrage gevraagd van € 100,- Ook een doorrekening kan gedeeltelijk financieel worden ondersteund.
    Daarnaast is er een Omschakelprogramma Duurzame Landbouw van de overheid dat in juli 2021 van start is gegaan, waarvoor veel belangstelling is. Het omschakelprogramma is er voor boeren en tuinders die willen omschakelen naar een duurzamere manier van produceren, maar voor wie financiering een belemmering is. Juist in de eerste jaren van een omschakeling, bijvoorbeeld naar biologisch, staat het verdienvermogen vaak onder druk. Het omschakelprogramma is bedoeld als overbrugging van die periode.
    Kortom, voor de starter ziet de wereld er geheel anders uit dan voor de omschakelaar.

    Verder stel je dat er geen grond te koop is. Wij hebben juist ‘Aardpeer’ als voorbeeld genomen, omdat uit dat succesvolle initiatief blijkt dat er wel grond te koop is.

    Je suggestie, dat het slimmer zou zijn om de pijlen te richten op een fonds bedoeld voor omschakeling van boeren, bestaat dus al.

    In een ander voorstel van Sociaal & Groen (suiker en vleestaks) is je suggestie (biologische en vegetarische producten goedkoper maken) reeds opgenomen.
    Fijn overigens dat je het volledig met Sociaal & Groen eens bent!

Geef een antwoord